Overslaan en naar de inhoud gaan

Eric van Oosterhout schrijft column na bezoek aan Borgercompagnie

Door Hoofdredactie op donderdag, 12 februari, 2026 - 16:31

Burgemeester Eric van Oosterhout van Emmen, die in het verleden in Veendam actief was als gemeenteraadslid, hoofd Welzijn en Onderwijs en later gemeentesecretaris, was onlangs aanwezig bij de bijeenkomst in Borgercompagnie waar de dorpsraad de resultaten presenteerde van het grote dorponderzoek. De terugkeer naar het gebied waar hij jarenlang woonde en werkte, inspireerde hem tot het schrijven van een persoonlijke column voor de gemeentelijke website van Emmen. Die column delen we hieronder graag met onze lezers.


Het dorp

Op het parkeerterrein in Borgercompagnie zijn we de auto nog niet uit, of we komen de eerste bekenden al tegen. Dit is vertrouwde grond. Hier woonden we met veel geluk van 1996 tot 2017. Aan de ene kant van het parkeerterrein stond ons huis met die heerlijke tuin. We werden getipt door een bevriende makelaar. We fietsten vanuit Veendam met de meisjes vaak naar het speeltuintje dat naast dat leuke huis stond. En ineens konden we het kopen. Er kwam een jaar later nog een dochter bij in dit paradijsje.

Aan de andere kant van het parkeerterrein lag de plaatselijke voetbalclub. Ook niet verkeerd. Nu lopen we met een veel oude bekenden naar de voormalige voetbalkantine. Dat is nu het fraai verbouwde dorpshuis. Het is hard gegaan in het dorp. Eerst verdween de dorpsschool. Een uitstekende school die in onze tijd altijd meer dan 60 kinderen had. Toen verdween het dorpscafé. Daar waren de feesten, het biljart en “ vief patat en kroket” op de vrijdagavond. En uiteindelijk viel ook de voetbalclub om.

Dat was het teken voor de Dorpsraad om na te denken over de toekomst van het dorp. Met behulp van een aantal studenten werd een enquête uitgezet. De uitkomsten werden besproken in allerlei ‘keukentafelgesprekken”. Dat bleek goed uit te pakken. Liefst 88% van de dorpsbewoners leverde een bijdrage. 
In het dorpshuis zitten al gauw 100 mensen. Dat is twintig (!) procent van het hele dorp. Het weerzien met veel bekenden is hartverwarmend: “moi, houst mit joe daan”. 
Ik ben gevraagd om de middag aan elkaar te praten. De bekende Groningse zanger Erwin de Vries doet de aftrap. Als ik een van de studenten vraag of hij wel eens heeft gehoord van “een poedie oet Munt’ndam”, moet hij het antwoord schuldig blijven. 
De uitkomsten van hun onderzoek zijn positief. Er gaat veel goed in het dorp, maar er zijn ook zeker aandachtspunten. De aanwezige wethouder vindt het nog niet zo heel eenvoudig om aan te geven wat hij met de resultaten gaat doen, maar “ik ga zeker in gesprek”. 
We blijven na afloop langer hangen dan de bedoeling is. We vragen naar elkaars kinderen (“wat geweldig dat die kleine Sjoukje nu in de politiek zit) en natuurlijk naar elkaars gezondheid. “Komen jullie hier straks weer wonen”?

Wat weemoedig rijden we het langgerekte lint weer uit. Bij bijna elk huis hebben we wel een verhaaltje.
Maar als we het vertrouwde Weerdinge binnen rijden, verdwijnt de weemoed al snel. ’s Avonds gaan we met vrienden naar de jaarlijkse toneelvoorstelling in het dorpshuis van Weerdinge. Ook daar wel 100 hartelijke mensen. Een leuke voorstelling, “hoe is het met je”, bitterballen en een prijsje bij de verloting.
Borgercompagnie en Weerdinge, leve het dorp.